Not logged in.
>Sandcat RPG stuff >Campaign 2003/2004 >Session logs >Session 5 (Phaedra)

Session 5 (Phaedra)

Played on 2003/05/24

As written by the hand of Phaedra

73 AD

Terwijl we wakker worden gehouden door de elven knoopt de onverbeterlijk Aiden een gesprek aan in het Elfs. Wellicht is het hierdoor dat hij wel iets van ze gedaan krijgt. We krijgen een tweede kans — het thema is hierbij 'volgen'. Sorry als ik een beetje sarcastisch klink, maar ik vind die Elven maar raar hier. Maar op zich mochten we niet klagen met deze tweede kans, die we dan ook aannamen. We moesten de dodenstad in en een scroll halen uit de bibliotheek. We krijgen hiervoor amuletten die ons moeten beschermen.
Zodra we de stad inlopen, raken we, net als Rase eerder, ons vlees kwijt! We lopen gewoon rond als skeletten! Ontdaan hierdoor proberen we zo snel mogelijk te bewegen en de opdracht af te ronden, maar veel rapper dan een schuifelgangetje gaan we niet. Toch komen we binnen niet al te lange tijd bij de bibliotheek. Ondertussen worden we gevolgd door schimmen die ons proberen aan te raken. Gelukkig houden de amuletten ze op een afstand.
Bij de bibliotheek zien we een beter-gedefinieerde schim van een oude man met baard. Hij waarschuwt ons als we in de rug worden aangevallen door 2 Donkere Schimmen. "Zij mogen niet binnenkomen!" Irtek probeert met de hulp van Faria de schimmen weg te jagen. Dit lukt niet echt, en mij in eerste instantie ook niet. De schimmen raken vervolgens ons beide aan. Een vreselijke koude doorklieft me, en mijn knieen knikken. Gelukkig was Faria met mij, en met haar hulp kan ik de Schaduwen nu wel verbannen. Vreemd genoeg deinsden Bertus en Irtek ook weg van me. Gelukkig komen ze later bij hun zinnen. (Wat heeft dit te betekenen? Waren wij ook ondood?)
De schim van de oude man communiceerde met Aidan. Omdat we skeletten waren konden we niet praten. Aidan schreef dus alles op, en versleet zo een riem papier. Aidan wist de man op de één of andere manier uit te leggen welke scroll we nodig hebben, en hem te overtuigen van onze goede bedoelingen. We kregen de scroll en snel-schuifelen terug naar de tempel met de elven. Dit keer gelukkig zonder problemen.

Zodra we de scroll aan de elven gaven, hoorden we wel degelijk een belletje. Dit keer hadden we de opdracht dus goed uitgevoerd. De elven liepen gewoon weg nadat ze ons kort bedankt hadden. (Zie je wel, geen manieren!) Ik vroeg hun wat de bedoeling was, en blijkbaar moeten we nu gaan slapen. In onze slaap zal het orakel ons aanwijzingen geven. We zullen dus maar gaan slapen zeker? De elven zijn weg in ieder geval, en veel keus hebben we niet. Tot morgen, hoop ik.

74 AD

Bij Faria! Ik kan er nog steeds niet over uit... wat een vreselijke dromen bezorgde het orakel ons zeg! Het is nu al een tijdje geleden dat we wakker werden... niet in de tempel waar we gingen slapen, maar voor de tempel helemaal aan het begin, bij de ingang waar we de paarden achter lieten. Het moet niet veel gekker worden. Maar ik zal de droom opschrijven voordat ze me ontschieten. Ik heb het idee dat er veel van afhangt. Aan de andere kant, hoe zou ik ze kunnen vergeten?
Het begon 'normaal' genoeg. We (de hele groep was er) zagen het plein van Ragten . Een man, regaal van houding schreeuwde iets als: "Zolang het bloed van mijn lijn sterk is, zal het koninkrijk overleven. Laat hen standbeelden oprichten."
Het volgende moment stonden we op bergen. Onder ons was er een vallei. Twee legers zijn aan het vechten, en wij zijn allemaal bij het ene leger. Irtek en ik staan bij de draagstoel van Pythia. Lord Forlorn is er ook. Betrus en Chrell leiden een charge, terwijl Aidan een regiment Elfse boogschutters leidt. Rase staat vreemd genoeg naast een onbekend persoon, met bloed aan zijn handen. Het is onduidelijk of de persoon naast hem, een oude man, leeft of niet.
We zijn in een kampement, waar we een man van, zeg, 50 jaar een tent uit zien stormen. In de tent zit een vrouw op een baar. "Vervloek het koninkrijk," schreeuwt ze, "Maar ze hebben mijn man al genomen. Ik had hen toch ook niet mijn zoon kunnen laten nemen?" Dan kijkt ze naar ons en zegt met nadruk: "Maar het ligt niet meer in mijn handen."
Opeens zijn we op weer een andere plek, waarschijnlijk een stad in één van de zuidelijkere gewesten. De stad is in rep en roer want hij wordt aangevallen door een leger barbaren. Chrell en ik proberen een vrouw te ontzetten. Dit lukt ons, maar het lijkt onbegonnen werk — de stad wordt onder de voet gelopen. De barbaren plunderen en vernietigen, daarbij vrouwen en kinderen niet ontziend!
We staan in een mooie kamer. Er staan 7 stoelen rond een tafel, met aan het hoofd bovendien één troon. Zes stoelen zijn bezet met gezichtsloze mensen. De zevende stoel is leeg en is bebloed. Rase staat er achter, met bloed aan zijn handen! Een gekroond figuur komt binnen.

Ik vraag me af wat dit allemaal te betekenen heeft, met name voor Rase? Later bleek in ieder geval dat we de vijf bovenstaande delen van de droom allemaal hebben gedroomd. Daarna kreeg iedereen een persoonlijk stuk. En hier ben ik nog steeds niet goed van, en het staat dus ook in mijn geheugen gegrift.
Ik zit met mijn rug tegen een muur. De rest staat om me heen. Irtek zit geknield bij een gewonde — ik denk dat het Aidan is. Wanhopig kijkt Chrel naar me, terwijl Bertus met zijn zeis zwaait en luid uitroept "Wat moeten we doen Phaedra?"
Mijn handen trillen en paniek vliegt door me heen... ik moet een beslissing nemen! Het lot van de groep ligt in mijn handen! Maar ik kan niks. Er komt geen beslissing. Terwijl ik staar in de ruimte grijp ik mijn heilige symbool vast en roep ik Faria aan, maar het symbool vergruist!
De groep vervaagt, en ik sta alleen. Ik word ouder, ik krijg rimpels en mijn haar wordt grijs... maar ik maak geen keuze. Ik verlaat mijn verganende lichaam dat nu haar laatste adem uitblaast.
Ik kom bij een grote ijzeren poort die naar het Dodenrijk leidt, of dat denk ik in ieder geval. Ik kijk nog één keer om maar er is niks meer te zien van de kamer of de groep. Ik slaak een zucht van verlichting en ik draai me om naar de poort, die ook verdwenen is!
Ik zit met mijn rug tegen de muur. De rest kijkt vragen naar me...

Hier werd ik gillend wakker, terwijl de rest ook gilt. Eerst lijkt het alsof we midden in de dodenstad zijn, maar nee, we liggen voor de tempel-ingang bij de heuvel.
Ik heb met Irtek over de droom gehad, en later met de rest van de groep. De eerste vijf scenes hebben we allemaal gezien, maar het laatste deel was telkens verschillend. Aidan droomde dat hij een verhaal vertelde maar niemand vond het interessant, hijzelf ook niet. Bertus was graan aan het maaien wat achter hem weer bijgroeide. Chrell droomde dat hij barbaren doodt. (Het zijn geen mensen, maar ook geen elven, alhoewel ze wel puntoren hebben...) Irtek maakte vlegel na vlegel, en toch werd de stad overlopen. Ook hij twijfelde op dat moment aan Faria, net als ik bij mijn besluitloosheid. Rase tenslotte maakte slot na slot bij zijn ouders, maar het slot kan de rovers die het huis willen binnendringen niet tegenhouden. Ook hebben we allemaal gedroomd over de poort naar de onderwereld, behalve Chrell.

Ik weet niet wat dit allemaal te betekenen heeft, maar ik ga proberen te slapen. Ik ben doodop.

75 77 AD

Ook deze ochtend stond er een tempel aan de voet van de heuvel. Chrell wou naar binnen, maar de rest (en ik ook) zagen daar geen nut in. We hebben onze dromen gekregen. Het is nu zaak om deze over te brengen naar Pythia. Hopelijk begrijpt zij de visioenen nu beter.
's Avonds komen we aan bij Forganta. Het is hier weer iets drukker dan op de heenweg. Meer soldaten, en vreemd genoeg lopen er veel Meltimen rond. Openlijk! In hun blauwe mantels zijn ze duidelijk te herkennen. Waarschijnlijk zijn ze weer hun haat aan het verspreiden. Waarom laat heer Havlock dit toe?
Vreemd genoeg is het nu negen dagen nadat we hier vertrokken. Het is namelijk 5 juli 373 After Raghilium. Blijkbaar zijn we enkele dagen kwijt geraakt terwijl we in het orakel waren.
Oh ja, Rase is net even weggegaan om de stad te bezichtigen. Waarom heb ik hier een slecht gevoel over?

78 AD — 6 juli, 373 AR

Wat een dag weer zeg! 's Ochtends kwamen we er achter dat Lord Havlock ziek was. Op zich niet zo erg (iedereen kan verkouden worden) maar terwijl we discussieerden of we al dan niet onze genezende vaardigheden moesten aanbieden zei Rase dat hij gister een slot had opengemaakt. Voor 2 wazige figuren. Je hoeft geen genie te zijn...
Het pleit was dus snel beslecht en we reden naar het paleis. Daar zagen we twee figuren op het schavot. Rase reed naar voren om te kijken of dat zijn twee opdrachtgevers waren. En jawel, en ze wezen naar Rase, al roepend dat hij het brein achter de actie was! En hoewel het tegen m'n principes indruist moest ik toegeven dat vluchten wel de beste keuze was hier.


< First session (Irtek) < Previous session (Phaedra) ˆ To index > Next session (Phaedra)

© 2003-2019 Sandcat RPG Crew.
Page design by Stijn (main layout) & Jake (textures and colours).

Comments can be sent to rpgadmin(at)sandcat(dot)nl.